Constipatie (verstopping, obstipatie)

Voedingssupplementen die ondersteunend werken bij constipatie:
  • Chlorella stimuleert de darmperistaltiek en de groei van een gezonde darmflora en kan zo constipatie tegen gaan. De stof chlorofyl uit chlorella heeft een sterk reinigende eigenschappen. Het bindt schadelijke chemicaliën en reinigt het lichaam.
  • Enzymen eenzijdige voeding of een niet goed werkend verteringssysteem leidt tot een onjuiste darmflora en kan als gevolg diarree en/of constipatie veroorzaken, enzymen normaliseren de darmflora.
  • Glucomannan (konjac) kan constipatie verlichten, als een niet-resorbeerbaar voedingsvezel heeft konjac een laxerend effect.
  • Magnesium bisglycinaat kan de stoelgang bevorderen en is een goed middel bij constipatie. Bij een te hoge doses kan magnesium lichte diarree veroorzaken, dan is de oplossing de dosis wat verlagen. Magnesium bysglycinaat zorgt voor de beste opneembaarheid.
  • Probiotica helpt bij het herstel van de microbiële flora in de gehele darm, heeft een stimulerende werking op de darmperistaltiek en bevordert een regelmatige stoelgang. Het gebruik van probiotica kan constipatie als gevolg van een slechte darmflora verlichten en hiermee een regelmatige stoelgang bevorderen.
  • Psylliumvezels reinigen de darmen, beschermen de darmwand, gaan zowel constipatie als diarree tegen en maakt de stoelgang zachter.
Obstipatie (ook wel constipatie genoemd) is de medische term voor verstopping. Dit is een vervelende maar meestal onschuldige kwaal.

De dikke darm duwt de ontlasting naar de endeldarm door samentrekkingen van de darmwand. Terwijl de ontlasting door de dikke darm getransporteerd wordt, worden er water, zouten en mineralen uit opgenomen. Verloopt dit transport te langzaam, dan onttrekt de dikke darm te veel water aan de ontlasting en wordt deze hard en droog. Dit levert dan problemen op met de stoelgang. Deze traagheid kan veroorzaakt worden doordat de darmen onvoldoende samentrekken of doordat er te weinig afvalmateriaal is. Dit laatste kan weer het gevolg zijn van een gebrek aan vezels of vocht in het voedsel. Afname van de darmsamentrekkingen kan komen door stress, een zittend leven, zwangerschap of ouderdom. Veranderingen in het dagelijkse patroon, bijvoorbeeld een vakantie of een plotselinge wijziging van het eetpatroon, kunnen eveneens tot verstopping leiden. Ook bepaalde medicijnen kunnen obstipatie geven, net als te langdurig gebruik van laxeermiddelen, waardoor de normale darmwerking wordt verstoord. Voorbeeld van medische oorzaken van obstipatie zijn littekenweefsel of gezwellen in het onderste deel van de darmen . Daarnaast kunnen ook neurologische aandoeningen obstipatie veroorzaken, zoals de ziekte van Parkinson, multipele sclerose of als gevolg van een beroerte of ruggenmergletsel. Ook stofwisselingsziekten zoals een traag werkende schildklier kunnen leiden tot obstipatie. Tot slot kan obstipatie voorkomen bij een depressie.

Er is een onregelmatige, moeizame en soms pijnlijke stoelgang met harde en droge ontlasting. Soms is er een opgeblazen gevoel of zijn er buikkrampen. Omdat de frequentie van de stoelgang verschilt van mens tot mens, is de norm voor het hebben van obstipatie voor iedereen verschillend. Iemand die normaal gesproken een keer per dag ontlasting heeft, heeft obstipatie als er drie dagen geen ontlasting is geweest. Iemand die normaal maar eens in de drie dagen ontlasting heeft, heeft pas obstipatie als er een week geen ontlasting is geweest. Soms hebben mensen met obstipatie last van diarree. Dit wordt paradoxale diarree genoemd, of overloopdiarree. Door de obstipatie kan alleen nog waterdunne ontlasting de darm passeren.

Zie ook: