Melkzuur (ophoping in de spieren)

Voedingssupplementen die ondersteunend werken bij te veel aan melkzuur tijdens het sporten:
  • Creatine helpt bij een te veel aan melkzuur in de spieren.
  • Kalium sporters die relatief korte zware inspanningen leveren waarbij de verzuring een enorme belasting vormt om betere tijden neer te zetten kunnen een basische buffer opbouwen door enige uren voor de wedstrijd ieder half uur een dosering kaliumbicarbonaat in te nemen.
  • L-carnitine herstelt spieren en bouwt spieren sneller op, gaat spiervermoeidheid tegen, ondersteunt de zuurstofopname bij zware lichamelijke arbeid en sport. Remt vorming en bevordert verwijdering van melkzuur. Een l-carnitine-supplement vult aan wanneer door zware inspanning meer l-carnitine wordt afgebroken en verdwijnt via zweet en urine.
  • L-citrulline gaat de opbouw van melkzuur in de spieren tegen, en het melkzuur dat al aanwezig is wordt sneller in energie omgezet
Bij zuurstofgebrek kan een anaërobe afbraak plaatsvinden (afbraak zonder zuurstof, waarbij bijvoorbeeld melkzuur gevormd wordt), waarbij uit pyrodruivenzuur melkzuur wordt gevormd. Pyrodruivenzuur is het eindproduct van glucose afbraak. De hoeveelheid energie die hierbij vrijkomt, is veel geringer dan bij aërobe afbraak (afbraak met zuurstof). De aërobe afbraak vindt bij explosieve inspanningen in spiercellen plaats. Het gevormde melkzuur veroorzaakt een lokale verzuring, wat tot uiting komt in spiervermoeidheid. De vorming van melkzuur is een noodvoorziening. In rust wordt het melkzuur weer omgezet in pyrodruivenzuur, waarna de aërobe afbraak plaatsvindt.

Eén van de grootste problemen bij sport is de energievoorziening tijdens de inspanning. Voor het samentrekken van spiercellen is energie nodig. Deze energie kan vrijgemaakt worden door glucose (afkomstig van koolhydraten) en vetzuren (afkomstig van vetten) te verbranden. Uit glucose kan sneller energie worden vrijgemaakt dan uit vet. Bovendien is er voor de verbranding van glucose minder zuurstof nodig dan voor de verbranding van vetzuren. Glucose en vetzuren kunnen ook zonder zuurstof energie leveren. Maar daarbij ontstaan respectievelijk zuren (melkzuur) en ketonen (aceton), waardoor het zuur-base-evenwicht verstoord raakt. In de spier bevindt zich een kleine voorraad glucose in de vorm van glycogeen. In de lever bevindt zich ook glycogeen, maar deze moet eerst via het bloed naar de spieren vervoerd worden. De hoeveelheid glycogeenreserve is beperkt vergeleken bij de vetreserve. Het probleem is echter dat de vetverbranding veel zuurstof kost en dat vet een langzame energiebron is.


Zie ook:
Ontgiften
Spierkrampen
Uithoudingsvermogen (betere prestaties)
Verbeter uw conditie