Doorgaan naar hoofdcontent

Bevalling

Voedingssupplementen die ondersteunend werken bij en/of na een bevalling:
  • Amerikaanse sneeuwbal (black haw) werkt krampwerend, ontzwellend en ontspannend/kalmerend op de organen van het kleine bekken, vooral op de baarmoeder.
  • Hartgespan (motherwort) werkt ondersteunend bij een moeilijke bevalling, valse weeën: versterkt en coördineert de weeën, bespoedigt de bevalling (niet geven tijdens de zwangerschap, behalve tijdens de laatste weken en tijdens de bevalling), helpt na de geboorte de placenta (moederkoek) uitdrijven, helpt de baarmoeder herstellen na de bevalling en vermindert de risico op nabloedingen.
  • Herderstasje (shepherd's purse) werkt bloedstelpend bij baarmoederbloedingen, bevordert de baarmoedercontractie.
  • Salie (sage) stimuleert de baarmoeder: uitblijven van de bevalling, moeilijke bevalling.
  • Vrouwenmantel (lady's mantle) herstelt de weefsels van het baarmoederslijmvlies, herstelt de baarmoeder na de bevalling (samentrekken tot origineel volume en weefselherstel), vermindert bloeding na de bevalling en voorkomt baarmoederverzakking.

De geboorte van een baby is een natuurlijke zaak: de uitdrijving van het kind nadat de baarmoedermond ontsloten is en de moeder persdrang krijgt.

Bij een geboorte spelen 3 mechanismen een rol:

  1. De baarmoedercontracties
  2. De ontsluiting van de baarmoedermond
  3. De passage van de baby door het geboortekanaal
De eerste weeën kondigen de bevalling aan. Wanneer de weeën regelmatig verlopen en elkaar steeds korter opvolgen is het tijd om u klaar te maken voor de bevalling.

De ontsluiting van de baarmoedermond:

De ontsluiting wordt veroorzaakt door de intensiteit en de frequentie van de baarmoeder contracties. Voor de bevalling inzet is de baarmoederhals ongeveer 3 cm lang. De uitwendige opening ( naar de vagina gekeerd) en de inwendige opening (naar de baarmoeder toe) zijn afgesloten. Onder invloed van de weeën verstrijkt de baarmoederhals en ontsluit de baarmoedermond. In de meeste gevallen doen de weeën de vruchtvliezen breken. Daarna duwt het hoofdje van de baby rechtstreeks op de baarmoederhals (daarom heeft een baby bij de geboorte vaak een kleine en volkomen onschuldige onderhuidse bloeduitstorting. Dan volgt de ontsluiting van de baarmoedermond. Bij een eerste bevalling rekent men op 1 cm per uur en bij een volgende bevalling wordt dat 2 cm per uur. Wanneer de ontsluiting volledig is (tussen 10 en 12 cm) kan het hoofdje geboren worden.

De geboorte:

De bevalling gebeurt in fasen. Baarmoedercontracties kondigen de arbeidsfase aan waarin de baarmoederhals verstrijkt. Aan het begin van de eerste fase, is de baarmoedermond afgesloten. Onder invloed van de weeën zal de baarmoederhals verstrijken en kan de ontsluiting beginnen. Wanneer de ontsluiting volledig is kan de uitdrijving beginnen. Het kind vordert geleidelijk aan door het geboortekanaal: het passeert eerst de bekkeningang of de benige cilinder van het bekken (heiligbeen, stuitbeen, darmbeen en symfyse van de schaambeenderen) en bereikt dan de bekkenbodem. Wanneer het alle hindernissen gepasseerd is, wordt eerst het hoofd, dan de schouders en uiteindelijk de rest van het lichaam geboren.

De uitdrijving:

Tijdens deze fase die veel korter duurt (ongeveer 30 minuten) zul je moeten persen. De weeën houden nu langer aan en volgen elkaar korter op. Als je niet spontaan kan urineren dan wordt de blaas met een sonde geledigd. Voor een maximaal effect moet je persen tijdens een perswee. Haal bij elke wee diep adem, houd je ademhaling in en druk langzaam opdat het kindje door het geboortekanaal zou vorderen. Bij de uitdrijving moet de baby zich aanpassen aan de doorgang in het bekken en zal de baby de weg van de minste weerstand zoeken. Naarmate het hoofdje verder indaalt duwen de weeën de baby zijn kin op zijn borst. Door een inwendige spildraai kan het kindje zich aanpassen an de vorm van de bekkenuitgang. Het hoofdje drukt nu op de bekkenbodem die elastisch is en zich uitzet. Je krijgt opnieuw een perswee en het hoofdje duwt tegen de vulva die zich opent. In deze fase vraagt men niet persen opdat het hoofdje langzaam zou kunnen geboren worden: je huid is helemaal uitgerekt waardoor men het hoofdje helpt langzaam vrij te komen. Tijdens een laatste perswee komen de schouders en de rest van het lichaam vrij. De baby is geboren en je hoor zijn eerste kreet. 2 klemmen sluiten de navelstreng af. Enkele minuten later krijg je opnieuw weeën die minder sterk zijn dan de vorige. Hierdoor zal de placenta van de baarmoederwand loslaten, waarop de nageboorte volgt.

Tijdens de zwangerschap is de behoefte aan voedingsstoffen verhoogd. Tekorten aan essentiële voedingsstoffen tijdens de zwangerschap en de periode waarin borstvoeding gegeven wordt, kunnen nadelige gevolgen hebben voor zowel moeder als kind.

Het hoofd is het omvangrijkste deel van de foetus. De schedelbeenderen zijn nog niet met elkaar vergroeid en worden met elkaar verbonden door een vlies (fontanellen). Er zijn 2 fontanellen: de grote fontanel ligt bovenaan het hoofd en de kleine fontanel achteraan. Beide fontanellen dienen als herkenningspunt om, tijdens de bevalling, de positie van het hoofd van de baby in het bekken te bepalen. De vliezen zullen verbenen: die van de kleine fontanel na ongeveer 2 maanden, die van de grote fontanel rond 18 maanden.


Zie ook:

Herstellen baarmoeder na de bevalling
Natuurlijke bevalling

Zwangerschap