Glucosamine(sulfaat)

Glucosamine/chondroïtine is een zeer belangrijke stof voor de regeneratie van beschadigd gewrichtskraakbeen en bestrijding van ontstekingsprocessen in de gewrichten. Wanneer de endogene glucosamineproductie tekortschiet, kan het lichaam ook glucosamine uit de voeding gebruiken. Er zijn echter maar weinig voedingsbronnen die rijk zijn aan glucosamine.


Ondersteunende werking van Glucosamine(sulfaat) bij de volgende aandoeningen:
  • Aambeien: glucosamine/chondroïtine verstevigt de elasticiteit van bindweefselstructuren en kan daarom van nut zijn bij aambeien.
  • Artrose: glucosamine/chondroïtine werkt effectief bij artrose. Wie artrose heeft of een verhoogde kans heeft op deze aandoening, kan baat hebben bij het supplement glucosamine/chondroïtine.
  • Doorligwonden: glucosamine is belangrijk voor de synthese van bindweefselstructuren, zoals bijvoorbeeld. de huid, de darmwand en bloedvaten. Glucosamine kan daarom zinvol zijn bij aandoeningen waar de elasticiteit vermindert is zoals bij doorligwonden.
  • Peesontsteking
  • Tenniselleboog
Dosering:
  • In klinisch onderzoek wordt vrijwel altijd met een dagdosering glucosaminesulfaat van 1500 mg gewerkt. Dit komt overeen met net iets minder dan 1200 mg elementair glucosamine (1182 mg). Met lagere doseringen zijn soms ook goede resultaten bereikt, maar de kans op succes is met 1200 mg glucosamine per dag aanmerkelijk groter. In zware gevallen kan de dosering eventueel worden verhoogd tot uiteindelijk 2400 mg elementair glucosamine (3000 mg glucosaminesulfaat).
  • Mensen met overgewicht hebben ook een hogere dosis nodig, voor hen wordt een dosering van 20 mg glucosaminesulfaat per kg lichaamsgewicht aanbevolen. Dit komt overeen met circa 16 mg elementair glucosamine per kg lichaamsgewicht.
  • Het duurt vaak enige tijd voordat de effecten van glucosamine merkbaar worden. In sommige gevallen kan het enkele maanden duren voordat vermindering van de klachten optreedt.

Waarschuwing:
  • Glucosamine worden meestal gemaakt uit chitine, een belangrijk bestanddeel van het pantser van schaaldieren (garnalen, kreeften, krabben). Om deze reden wordt mensen met een schaaldierallergie aangeraden voorzichtig te zijn met het gebruik van glucosamine. Niettemin is het allergeen aanwezig in het vlees van de dieren, terwijl glucosamine uit de schaal (chitinepantser) wordt bereid. Daarom is glucosamine mogelijk toch veilig voor diegenen met een allergie voor schaaldieren. Er zijn onvoldoende gegevens over het gebruik van glucosamine tijdens de zwangerschap, waardoor een veilig gebruik in deze periode niet kan worden gegarandeerd.
  • Glucosaminesulfaat wordt beschouwd als veilig. In de meeste studies worden überhaupt geen bijwerkingen gemeld. Bijwerkingen van glucosamine, voor zover ze optreden, beperken zich tot lichte gastro-intestinale symptomen als maagklachten en misselijkheid, eigenlijk alleen bij mensen met een maagzweer. Het is aan te raden in die gevallen glucosamine tijdens de maaltijd te gebruiken. Er zijn berichten dat glucosamine de insulineresistentie bij sommigen kan vermeerderen, doordat de synthese van insulinereceptoren wordt verminderd. Uit een kleine studie komen aanwijzingen dat dit effect inderdaad in de praktijk kan optreden, met name bij mensen die al enigszins glucose-intolerant zijn. Uit ander onderzoek blijkt echter het tegendeel.
  • Glucosaminesulfaat kan gecombineerd worden met acetylsalicylzuur (aspirine) en andere niet-steroïde anti-ontstekingsmedicijnen (NSAID’s). Nadeel van deze NSAID’s is weer dat ze weliswaar op korte termijn verlichting brengen, maar feitelijk het degeneratieproces van de gewrichten versnellen. Corticosteroïden en NSAID’s remmen namelijk de synthese van chondroïtinesulfaten. De synthese van glycosaminoglycanen in kraakbeen is erg afhankelijk van de beschikbaarheid van sulfaat, en wordt zodoende sterk geremd door de sulfaat-uitputtende effecten van veel reguliere artritis- en artrosemedicatie. Glucosamine¬sulfaat verhoogt de sulfaatconcentraties in serum en synoviaalvloeistof, een effect dat weer teniet gedaan wordt door toediening van paracetamol. De afwezigheid van sulfaat is mogelijk ook een verklaring waarom in veel studies glucosaminehydrochloride niet werkzaam is. Sulfaat kan ook de afbraak van paracetamol versnellen, waardoor de toxiciteit, maar ook het pijnstillend effect, wordt verminderd.