Botontkalking (osteoporose)

Voedingssupplementen die ondersteunend werken bij osteoporose:
  • Calcium geeft stevigheid aan skelet en gebit. Osteoporose (ontkalking van het bot) ontstaat meestal in combinatie met vitamine D tekort.
  • Foliumzuur en vitamine B12 blijken het aantal heupfracturen sterk te verminderen, doordat ze de homocysteïnespiegel doen dalen. Een verhoogde homocysteïnespiegel in het bloed is een risico voor osteoporose.
  • Groene thee bevat polyfenolen verhogen de activiteit van osteoblasten (cellen die de botopbouw stimuleren) en verminderen osteoclasten (cellen die de botafbouw bevorderen).
  • Kalium (kaliumcarbonaat) vermindert poreuze botten en calciumafscheiding, aangetoond in een onderzoek bij 50-plussers.
  • L-Arginine en L-Ornithine bevorderen de synthese van het groeihormoon. Naarmate de leeftijd stijgt, produceert de hypofyse steeds minder groeihormoon. Daardoor wordt de capaciteit om te regenereren (bijvoorbeeld bindweefsel, musculatuur, botweefsel, wondgenezing) steeds minder.
  • Magnesium is belangrijk voor de botweefsels, een tekort heeft een negatieve invloed op alle botweefselcellen, waardoor slecht nieuwe cellen worden aanmaakt en oude afgebroken. Het botweefsel gaat achteruir in structuur en hoeveelheid, het bot zal sneller breken. In de overgangsjaren van vrouwen en bij oudere mannen helpt magnesiumsuppletie botbreuken en botverlies voorkomen en zelfs de botdichtheid verhogen.
  • Omega-3 preventief gebruik.
  • Silicium maakt botweefsel sterk. Silicium reguleert de mineraalvoorziening in de botten. Er is aangetoond dat vrouwen die lijden aan osteoporose na een supplement-inname van silicium een aanzienlijk botdichtheid toename kende.
  • Vitamine D3 bevordert de botvorming en de mineralisatie, is essentieel voor de ontwikkeling van een intact en sterk skelet, vermindert botbreuken.
  • Vitamine K verbetert de botkwaliteit bij osteoporose, de kans op botbreuken wordt verlaagt door inname van vitamine K. Het effect van vitamine K is groter als het samen wordt ingenomen met vitamine D en calcium.
  • Multi vitaminen/mineralen complex (hoog gedoseerd) 9 voedingsstoffen zijn essentieel voor de botvorming: calcium, eiwitten, fosfor, magnesium, mangaan, vitamine C, vitamine D, vitamine K en zink.
Plantenextracten die ondersteunend werken bij osteoporose:
  • Maca kan een gunstig effect hebben op de botdichtheid. Onderzoeken hebben uitgewezen dat een extract van maca effectief is ter preventie van botontkalking als de oestrogeenaanmaak wegvalt. Een lage oestrogeenspiegel bij vrouwen na de menopauze is een oorzaak van osteoporose.
  • Soja isoflavonen in soja hebben een licht oestrogenen werking, daardoor kan soja een beschermende werking hebben tegen botontkalking. Onderzoek bij bevolkingsgroepen waar het voedselpatroon rijk is aan sojaproducten komt osteoprose minder voor.
  • Zilverkaars in een onderzoek verbeterde zilverkaars de botdichtheid. Zilverkaars bevat fyto-oestrogenen met een selectief oestrogeen effect op bot- en vetweefsel.


1 op de 2 vrouwen en 1 op de 3 mannen van boven de 60 jaar, krijgen een botbreuk door osteoporose. Botten zijn levend weefsels, dat voortdurend afgebroken en weer opgebouwd worden. De basisstoffen van botten bestaan uit mineralen, vooral calciumzouten, die door een elastische, organische omhulsel van chromosomen bijeengehouden worden. In de jeugd wordt meer botsubstantie opgebouwd dan afgebroken. Bij vrouwen vanaf 30 jaar en bij mannen vanaf 40 jaar, gaat het skelet geleidelijk botweefsel sneller afbreken dan opbouwen. Hierdoor wordt het skelet in de loop der jaren steeds brozer.

Bij osteoporose is de botdichtheid  aanzienlijk afgenomen, waardoor de botten erg breekbaar zijn en zelfs spontaan kunnen breken. Vooral de kans op polsfracturen of compressiefracturen van de wervelkolom waardoor men krom groeit, is groot. Het grootste gevaar zijn heupfracturen.

Verlies van botweefsel is vooral een tekort aan calcium. Het treft meer vrouwen dan mannen, omdat het vrouwelijk hormoon oestrogeen een essentiële rol speelt bij het benutten van calcium in voeding voor de opbouw van botweefsel. Tijdens de menopauze wordt er minder oestrogeen geproduceerd en krijgen de botten minder calcium. 20 % tot 30 % van het verlies van botweefsel bij vrouwen treedt in de eerste 5 jaar na de menopauze op, een periode waarin dikwijls osteopenie (voorstadium van osteoporose) wordt ontwikkelt.

Mannen hebben een grotere botdichtheid en verliezen minder snel calcium dan vrouwen, maar hormonale veranderingen kunnen ook bij hen bijdragen aan het ontstaan van osteoporose. Door afname van testosteron, een natuurlijk proces bij mannen boven de 60 jaar, kunnen ze de calcium in voeding minder goed benutten voor nieuwe botopbouw.

Zie ook: