Doorgaan naar hoofdcontent

Spongia tosta

Spongia tosta (spons) komt voor in de Middellandse Zee, de Rode Zee en de Atlantische oceaan. Spongia tosta bevat veel jodium en werd daarom al in de veertiende eeuw als geneesmiddel bij struma toegepast. Voor de bereiding van Spongia tosta worden de sponsen gedroogd en geroosterd.

Persoonsbeeld:
  • Mensen die schrikachtig zijn en de neiging hebben in paniek te raken. Ze zijn verlegen, maar wel strijdlustig. Neiging tot grootspraak. Ze zingen graag.

Opvallende symptomen:
  • Droge, blafhoest met fluitende, gierende ademhaling, alsof men door een spons moet ademen.
  • Hoestaanvallen ’s nachts, die iemand uit de slaap houden met het gevoel te stikken, ze moeten gaan zitten.
  • Gevoelige keel, samengeknepen gevoel.
  • Rauwe stem en heesheid.
  • Angstig en zwak.
Erger door:
  • Voor middernacht, liggen, door koude dranken.
Beter door:
  • Door warme dranken en spijzen.
Toepassingen:
  • Kroep-achtige hoest, heesheid.
Spongia tosta wordt gebruikt bij verkoudheid, hoest en griep, effectief bij opgezette klieren, bij uitputting na lichamelijke inspanning en is een hartremedie die naast reguliere geneesmiddelen kan worden gebruikt.

Potentie en dosering:
Homeopathie A/Z